Waarom jonge professionals steeds vaker zelf het initiatief nemen
De VSO, ofwel Vaststellingsovereenkomst, klinkt als iets voor grijze mannen in pakken. Toch is het tegenwoordig een instrument dat ook jonge professionals maar wat graag gebruiken. Waar het ooit vooral een ontslagtool was voor werkgevers, is het nu juist een manier geworden voor werknemers om op een nette manier de deur achter zich dicht te trekken.
Je zou haast denken dat de VSO een Nederlandse ‘uitvinding’ is. In ons polderlandje houden we er immers van om op slimme manieren lastige zaken met elkaar te regelen. Het er niet direct over hebben, maar wel via een document met een ‘lastige’ naam. Dat voelt allemaal wat minder erg.
Wat is een VSO eigenlijk?
Een VSO is een overeenkomst waarin werkgever en werknemer samen afspreken om het dienstverband te beëindigen. Vaak zit er een ontslagvergoeding bij en wordt er netjes afgesproken wat er nog betaald wordt, wat de einddatum is, en dat niemand elkaar achteraf nog iets verschuldigd is. Ideaal voor als een samenwerking niet (meer) werkt, zonder dat het in een juridisch moddergevecht hoeft te eindigen.
Ook in de rest van Europa en de Angelsaksische landen kennen ze een dergelijke overeenkomst. Een groot verschil met Nederland is de koppeling met het sociale zekerheidsstelsel. Met een VSO kun je ervoor zorgen dat je recht hebt op een uitkering. Regel je het dus goed en heb je recht op een uitkering, dan krijg je die met behulp van de VSO. In de andere landen is die koppeling lang dus niet zo direct.
Kost een VSO de gemeenschap geld?
Eind vorige eeuw, was er nog wel de discussie over het feit dat al die VSO’s de gemeenschap geld kosten. Immers, mensen die een ontslag met een VSO kregen, mochten lekker van een uitkering gaan genieten.
Maar is dat wel zo? Een VSO is ook een manier om een arbeidsconflict te voorkomen. Is de relatie tussen werkgever en werknemer op een dieptepunt, maar kan de werkgever de werknemer niet zo maar ontslaan op basis van het contract, dan kan een VSO een oplossing bieden. Niets doen betekent in zo’n situatie namelijk dat er een grote kans ontstaat dat de werknemer overspannen raakt, of zich moedwillig ziek meld. In zo’n geval wordt de werknemer ‘beschermd’ door de ziektewet en ‘gijzelt’ deze de situatie tot wel twee jaar. Niemand kan meer bewegen en het kost de gemeenschap enorm veel geld.
In een andere situatie zie je vaak dat werkgever en werknemer in een conflict komen. Het wordt dan een juridisch gevecht wat ook veel geld en emotionele energie kost.
Een VSO kan dus een mooie manier zijn om snel tot een ‘scheiding’ te komen en ieder zijn eigen weg te laten gaan. Met als voordeel dat de werkgever het vangnet heeft van een uitkering. En laten we eerlijk zijn; ieder normaal werkend mens, wil dan gewoon weer snel aan de slag en niet in die uitkering blijven hangen. En de werkgever? Die kan zich weer richten op de werving van een nieuwe medewerker zonder er een extra ‘dossier’ op HR bij te krijgen.
“Een VSO is een mooie manier om snel tot een scheiding te komen.”
Volatiele arbeidsmarkt
De aanname dat een VSO gelijk staat aan profiteren (lees: steun trekken), gaat dus al gelukkig lang niet meer op. Mede hierdoor zijn we een verschuiving van wie de VSO aanvraagt.
De arbeidsmarkt is de afgelopen 10 jaar sterk veranderd. Vooral ook na Corona. Gelijk met de grote technologische veranderingen die ons leven gebracht heeft, zien we ook een flexibilisering van de arbeidsmarkt. Misschien komt dat ook wel doordat jonge professionals anders zijn gaan denken over arbeid als gevolg van internet, social media en AI.
Als alles toegankelijk is en mogelijk lijkt, waarom dan nog vast zitten in het dogma van een arbeidscontract? Zelfs het argument zoals ‘je moet toch je rekeningen kunnen betalen’ lijkt geen indruk te maken. Het vertrouwen dat het wel goedkomt, is groot bij de young professionals anno 2025.
Dat betekent ook dat in tegenstelling tot de vorige eeuw – waar vooral de werkgever gebruik maakte van het middel de VSO om mensen te laten gaan – we nu steeds meer zien dat de jonge werknemers de VSO inzetten om meer beweeglijk te zijn. Het feit dat een VSO je recht geeft op een uitkering is daarbij niet direct de reden. Uitkeringen zijn inmiddels zo gekort en worden uitgekeerd op basis van gewerkte jaren, dat ze niet meer het grote sociale vangnet zijn van vroeger. Wat ze zoeken is:
- Vrijheid: Jongeren hechten minder aan loyaliteit aan één werkgever, en meer aan zelfontwikkeling.
- WW-rechten: Als de VSO goed is opgesteld, houden ze recht op een uitkering.
- Professionele afsluiting: Geen geruzie, geen drama. Gewoon netjes uit elkaar.
Ongeduldig
Het lijkt haast wel alsof de jonge werknemer erg ongeduldig is. Dat komt waarschijnlijk toch door de wereld waarin we leven. Net zoals hij/zij gewend is om on demand direct dat ene liedje te kunnen luisteren, die film te kunnen zien of dat kledingstuk te kunnen kopen, wil men ook direct kunnen stoppen met een baan en zoeken naar die andere uitdaging.
Uiteraard valt daarover te twisten of dit ‘the way to go is’. Er is ook nog zoiets als doorzettingsvermogen, niet direct opgeven en je verantwoordelijkheid pakken. Vooral in een professionele arbeidsrelatie. De keerzijde is dat iemand ook zo maar 2 jaar in de ziektewet eindigt. Dan is niemand blij, zo constateerden we eerder.
Geen oordeel
Dit blog gaat niet over goed of fout. Dat is niet de vraag. De arbeidsmarkt verandert. De verhouding tussen werkgever en werknemer verschuift. Het is geen vaste verbintenis voor het leven meer, maar steeds vaker een tijdelijke samenwerking. De VSO past perfect in dat plaatje.
Bij Vonk zijn we er voor kandidaten én werkgevers. En dat betekent dat we deze ontwikkelingen serieus nemen. We zien het als onze taak om mensen te begeleiden bij elke stap in hun loopbaan. Soms is dat de start van iets nieuws, soms het respectvol afronden van iets dat niet meer past.
De VSO is dus springlevend. En eerlijk? Misschien beter dan ooit.
Kom je ook graag in gesprek met ons als kandidaat of ben je werkgever en zoek je ondersteuning bij deze veranderende arbeidsmarkt?
Neem dan gerust contact met ons op.
